Mededelingen gepubliceerd september 2008

Gelieve de volgende wijzigingen en aanvullingen aan te brengen in de Nederlandse standaard voor hoenders en dwerghoenders.

  • Bij de Waasse kriel op blz. “Belgische kriel 3” onder de kop Kleurslag de huidige tekst vervangen door: Alle erkende kleurslagen zoals aangegeven bij de Belgische krielen.
  • Braekels. Op blz. “Braekels 2”, onder kleurslag zilver, kleur en tekening van de haan. De tekst achter staart te wijzigen in: staartstuurveren zwart; de grote en kleine sikkelveren zijn groenglanzend zwart, zij moeten aan de veerbasis een vage zilverwitte bandtekening vertonen, welke naar het veereinde toe geleidelijk in kracht vermindert.
    Op blz. “Braekels 3”, onder kleur en tekening van de hen achter staart aan het einde van de zin toevoegen: Staartdekveren zijn over de gehele lengte groenglanzend zwart, overdwars geband op zilverwitte kleur.
  • Braekel krielen. Op blz. “Braekel krielen 3”, onder kleurslag zilver, kleur en tekening van de haan. De tekst achter staart te wijzigen in: staartstuurveren zwart; de grote en kleine sikkelveren zijn groenglanzend zwart, zij moeten aan de veerbasis een vage zilverwitte bandtekening vertonen, welke naar het veereinde toe geleidelijk in kracht vermindert.
    Op blz. “Braekel krielen 3”, onder kleur en tekening van de hen achter staart aan het einde van de zin toevoegen: Staartdekveren zijn over de gehele lengte groenglanzend zwart, overdwars geband op zilverwitte kleur.
  • Brabanters. Op blz. “Brabanters 3” onder ernstige fouten doorhalen: zijspranken aan de kam.  Zijspranken aan de kam zijn uitsluitingsfouten en hebben predikaat O tot gevolg. (zie hoofdstuk Gebreken blz 21)
  • Brabanter krielen. Op blz. “Brabanter krielen 2” onder ernstige fouten doorhalen: zijspranken aan de kam.
  • Hollandse kuifhoenders. Op blz. “Hollandse kuifhoenders 5” toevoegen:
    Krulvederige variëteit
    De Hollandse kuifhoenders komen ook als krulvederige variëteit voor en deze zijn erkend in alle hierboven genoemde kleurslagen. Deze zijn in alles, ook in kleur en tekening, gelijk aan de gewone Hollandse kuifhoenders, doch met van het lichaam af aan het ondereinde geheel omgekrulde veren. Ook de kuifveren moeten voldoende krulling vertonen. De sikkels van de haan moeten in voldoende mate om hun lengteas krullen. De staartstuurveren en de grote en kleine slagpennen hebben een rechte schacht, de vanen ervan zijn voor 1/3 deel, gerekend vanaf het veereinde, gerafeld. Behalve de fouten die gelden voor de normaal bevederde Hollandse kuifhoenders worden voor de krulvederige variëteit bovendien geheel onvoldoende of vrijwel onvoldoende krulling van de veren als ernstige fouten aangemerkt, niet geheel voldoende krulvederigheid geldt als een fout.
  • Sussex. Op verzoek van de speciaalclub in verband met Europese gelijkheid, op blz.”  Sussex 2” bij de kleurslag wit zwartcolumbia toevoegen: Donskleur wit; lichtgrijs toegestaan. Bij de kleurslag buff zwartcolumbia toevoegen: Donskleur buff; lichtgrijs toegestaan. Bij de kleurslag rood zwartcolumbia toevoegen: Donskleur rood; blauwgrijs toegestaan.
  • Sussex krielen. Op blz. “Sussex krielen 3” bij de kleurslag wit zwartcolumbia toevoegen: Donskleur wit; lichtgrijs toegestaan. Bij de kleurslag wit blauwcolumbia toevoegen: Donskleur wit; lichtgrijs toegestaan. Bij de kleurslag rood zwartcolumbia toevoegen: Donskleur rood; blauwgrijs toegestaan. Bij de kleurslag buff zwartcolumbia toevoegen: Donskleur buff; lichtgrijs toegestaan.