Ziektebestrijding

Intro
Bij alle dieren komen ziekten, afwijkingen en gebreken voor. Het is niet mogelijk deze allemaal te beschrijven of om precies aan te geven hoe de liefhebber moet handelen. Enkele soms voorkomende ziekten worden kort behandeld. Gebreken zijn voor het geoefende oog snel te zien. Dat begint bij de geboorte met afwijkingen aan het skelet, poten en snavel. Aan dit soort gebreken is niets te doen. In de vrije natuur zijn deze kuikens de eerste prooi van roofdieren. De natuur zorgt er zelf voor dat deze dieren niet opgroeien. Ook de liefhebber moet dit erkennen en handelend optreden. Dieren met afwijkingen laten leven is niet diervriendelijk. In dit hoofdstuk worden enige handvaten gegeven voor de behandeling van zieke dieren.

Begrippen ziekteverwekkers en behandelmogelijkheden
Gebrekziekte
Een dier met ‘gebreksziekte’ is niet ziek, maar heeft gebrek aan maagkiezel, vitaminen of mineralen. De oplossing is het opheffen van het tekort.
Ectoparasieten
Voorbeelden zijn luizen, vlooien en bloedmijten. Deze parasieten worden bestreden met een insectenspray. Ook de kalkpootmijt die zich in de loopbenen vreet valt onder de ecto-parasieten en kan met specifieke middelen worden bestreden.
Endoparasieten
Dit zijn darmwormen. De dierenarts heeft middelen tegen deze wormen.
Protozoën
Dit zijn dierlijke ééncellige wezens. Belangrijke ziekteverwekkers zijn vier soorten die allen bij jonge dieren en vooral bij kuikens de ziekte coccidiose veroorzaken in verschillende delen van de darmen. Oudere dieren zijn er veel minder gevoelig voor. Een snelle behandeling met een specifiek middel geeft meestal een goed resultaat . De dierenarts heeft deze middelen. De levenscyclus van deze protozoën verloopt via de mest deels buiten het lichaam, waar de ontwikkeling stormachtig is onder warme en vochtige omstandigheden.
Bacterieziekten
Deze ziekteverwekkers zijn veel kleiner dan de protozoën en verspreiden een ziekmakend gif waardoor de ziekte meestal een ontstekingsachtig verloop heeft. De dierenarts heeft goede antibiotica.
Virusziekten
Virussen zijn nog weer veel kleiner en richten zich vaak op specifieke delen van het lichaam. Tegen virussen bestaan geen geneesmiddelen. Hier helpt alleen preventief vaccineren waardoor op kunstmatige wijze met dode virussen een natuurlijk afweermechanisme wordt ontwikkeld. Het lichaam heeft enige weken nodig om de immuniteit op te bouwen. Een bekend voorbeeld in de pluimveehouderij is de verplichte enting tegen Pseudo Vogelpest (New Castle Disease of NCD). De dieren zijn vanaf twee weken na de enting tot en met vijf maanden erna immuun.

Herkennen en isoleren van zieke dieren
Een ziek dier vertoont vaak lusteloos gedrag, zondert zich af en eet meestal niet meer. Het is moeilijk de specifieke ziekte te herkennen, behalve als het uitwendige beschadigingen zijn. Soms is aan de houding van het dier of aan de aard en de kleur van de mest en de kleur van de kopversierselen af te leiden om welke ziekte het gaat. Zodra een dier afwijkend gedrag vertoont, wordt dit dier geïsoleerd van de andere dieren. Een ziek dier wordt vaak het doelwit van gezonde dieren en brengt de ziekte misschien ook op de andere dieren over. Plaats dit dier in een apart hok met schoon water en voldoende voedsel. Belangrijk is ook om de bodembedekking schoon te houden.

Welke ziekte is het
Een ervaren fokker kan soms vast stellen om welke ziekte het gaat en advies geven. Sommige dierenartsen zijn redelijk tot goed gespecialiseerd in ziekten die bij gevogelte voorkomen. Maar het blijft soms moeilijk een goede diagnose te stellen. Gaandeweg leert men zelf ook beter zieke dieren te herkennen. De dieren moeten regelmatig gecontroleerd worden op ectoparasieten. Deze parasieten zitten vaak onder de vleugels en rond de cloaca. Ziekten en kwalen die we bij de siervogels tegen komen zijn vooral pseudo vogelpest, blackhead of zwarte koppenziekte, infectueuze bronchitis, coccidiose en verschillende darmwormen. Lusteloze dieren al dan niet tezamen met andere mest dan normaal duiden op darmwormen. Zitten kuikens of jonge dieren ingedoken met opgezette veren, dan hebben ze vaak last van coccidiose. Nemen de dieren een pinguïnachtige houding aan, rochelen de kuikens of neuriën de volwassen dieren, dan is dat vaak een signaal van infectieuze bronchitis of gaapwormen. Dit is niet de enige ademhalingsziekte. Pluimvee is vatbaar voor ademhalingsziekten en dan is het beter direct een dierenarts in te schakelen.

Wat kun je zelf doen en wat moet je niet zelf doen
Over ziektes zijn goede boeken te koop. Een goed boek is ‘Gezond pluimvee’ van dr. A.C. Voeten, dat te koop is bij de boekenverkoop van de NHDB. Bij dierenspeciaalzaken zijn middelen te krijgen tegen ectoparasieten. Andere middelen tegen verschillende ziekten kunnen beter via of bij de dierenarts gekocht worden. Verplichte vaccinaties zoals tegen pseudo vogelpest moeten door een dierenarts of onder leiding van een dierenarts door een plaatselijke kleindiervereniging worden uitgevoerd. De dieren moeten dan voorzien zijn van een vaste pootring met nummers. Op basis van die nummers wordt een entbewijs verstrekt. Ook tegen infectueuze bronchitis kunnen de dieren preventief geënt worden. Blackhead, coccidiose en wormen kunnen voorkomen worden door preventief middelen toe te voegen aan het voer. Krijgt men desondanks toch met zieken te maken dan is men aangewezen op de deskundigheid van een ervaren collega fokker, maar ook dikwijls op de hulp van een dierenarts. Verder moeten alle ingrepen bij een dier waarbij verdoving of narcose wenselijk is door een dierenarts uitgevoerd worden. Zelf dokteren betekent veel dierenleed en het is verboden.

Nazorg en herintroductie van het genezen dier
Knapt het zieke dier weer op, dan kan het weer terug geplaatst worden. Is het dier toch nog verzwakt, dan moet goed in de gaten worden gehouden of het dier wordt geaccepteerd. Is dat niet het geval, dan moet het dier nog verder aansterken en wordt het terugplaatsen later nog eens geprobeerd.
Als behandeling niet helpt
Helpt geen enkele behandeling, dan is het aan te raden het dier uit zijn lijden te verlossen. Kan men dit zelf niet doen, dan is een ervaren fokker of dierenarts de aangewezen persoon.